Nieuwe kinderbijslag zorgt voor ongelijkheid

Op 22 december nam de Vlaamse Regering definitief het decreet met het oog op het hervormen van de kinderbijslag aan. Er gebeurden nog enkele kleine aanpassingen op basis van de input van de adviesorganen en het advies van de Raad van State, maar het systeem zoals vooropgesteld in de conceptnota wordt vrijwel volledig behouden. Nochtans maakte de Raad van State heel fundamentele opmerkingen. Door die blind van tafel te schuiven, neemt de Vlaamse Regering een groot risico. Een klacht bij het Grondwettelijk Hof zou het hele systeem kunnen ondermijnen.


Er zijn twee grote kritieken van de Raad van State. Ten eerste waarschuwt ze voor ongelijkheid voor bepaalde gezinnen en ten tweede tikt de raad de Vlaamse Regering op de vingers voor het slordige werk.
 

Het eerste punt is de ongelijkheid door de overgangsmaatregel. Het systeem gaat in voor alle kinderen geboren na 2019, al wie ervoor geboren werd, blijft in het oude systeem. Hoewel het geheel van deze overgangsregeling het akkoord krijgt van de RvS, wijst ze er onomwonden op dat de grondwet geschonden wordt voor bepaalde gezinnen. Vooral die gezinnen met één of twee kinderen geboren voor 2019 is het systeem “oneerlijk” en “onredelijk” en “moet de regeling worden verfijnd”. De Vlaamse Regering veegt die opmerking van tafel met de argumentatie dat gezinnen niet statisch zijn, dat er leeftijdstoeslagen zijn in het ouder systeem en vooral, dat een aanpassing 300 miljoen zou kosten. Het is niet duidelijk waarop dit bedrag gebaseerd is, maar het toont net aan dat een waterdichte regeling nodig is om te vermijden dat die factuur op tafel van de volgende regering komt. De regering neemt hier het risico dat een gedupeerde ouder naar het Grondwettelijk Hof trekt en daar gelijk krijgt. Dat dat gebeurt, is niet zo ondenkbaar, de verschillen kunnen immers groot zijn. Een gezin dat een eerste kind op krijgt op 25 december zal 92 euro per maand krijgen, een gezin waar dat kind op 5 januari geboren wordt 160. De RvS vindt dit verschil, dat je tot aan je 18e verjaardag meedraagt, terecht onverantwoord en vraagt een aangepaste regeling. Dezelfde redenering kan gemaakt worden voor een gezin met twee kinderen voor 2019 en een derde kind dat in het ene gezin op 25 december wordt geboren en in het andere op 5 januari. Dat geeft een bijlage van respectievelijk 260 of 160 euro.


Een tweede punt van de Raad van State is het gebrek aan diepgang. De raad wijst erop dat er te weinig simulaties zijn gemaakt voor specifieke gezinssituaties. Het hogergenoemde voorbeeld van het gezin met een derde kind op komst kan je daaronder rekenen. Er werd niet becijferd wat dit nieuwe systeem voor hen betekent. De Vlaamse Regering liet enkel simulaties uitvoeren voor gezinnen die volledig in het nieuwe of het oude systeem vallen. De talrijke gezinnen die in een gemengd systeem komen, werden niet onder de loep genomen. De Vlaamse Regering argumenteert dat dit te moeilijk is, door de grote diversiteit aan gezinssituatie. Maar, daarmee gaat ze wel voorbij aan het feit dat er wel méér berekeningen mogelijk waren, zonder daarbij tot een exhaustieve lijst van mogelijke gezinssituaties te komen. De regering zou daarmee de impact van haar eigen systeem veel beter kunnen inschatten. Voor de Raad van State is dit een fundamenteel punt, want door het ontbreken van deze simulaties, beschikt ze niet over de nodige gegevens om het standstill-principe te toetsen. Anders gezegd: door het slordige werk van de regering, kan de raad niet eens nagaan of grondrechten wel voldoende gewaarborgd blijven voor iedereen. 

 

Dit zijn twee elementen uit het lange advies van de Raad van State. Er waren uiteraard nog andere punten van kritiek door de RvS en ook de adviesorganen gaven fundamentele bemerkingen. Dat het systeem onvoldoende doet aan de kinderarmoede, wordt bijvoorbeeld herhaald in de teksten van de verschillende adviesorganen. De invoering van dit nieuwe systeem is een historisch gemiste kans om van de halvering van kinderarmoede een perspectief in plaats van een droom te maken. Het lijkt dan ook beter om het decreet grondig bij te sturen in plaats van hiermee door te gaan.