Brief aan Jo Vandeurzen

Minister Vandeurzen,

Het wordt onderschat, maar u bent een man met humor. Dit jaar gaf u een interview op een hometrainer (een minister komt soms in vreemde situaties). U begon met een kwinkslag: “veel trappen, weinig vooruitgaan, dat ken ik van de politiek”. Het ijs was gebroken, gelach in de zaal.

Maar, die uitspraak bleef knagen. Want, ze vat uw beleid angstaanjagend goed samen.  U werkt hard: aan nieuwe concepten, plannen en transities geen gebrek binnen Welzijn. Maar brengen ze ons ergens? Bieden ze een antwoord op de prangende vragen van mensen? Worden de wachtlijsten –van wieg tot rusthuis- aangepakt? Verdwijnt de ellendige bureaucratisch rompslomp? Komt er meer zorg op maat en in de buurt?

Langzaamaan, beetje bij beetje. Alsof je met een hometrainer de Ventoux opklimt.

Laat ons beginnen bij de wieg. De kinderopvang. Nog steeds moeten ouders tien crèches aflopen in de hoop een plekje te vinden voor hun kind. 17.500 extra plekjes zijn er nodig, vorig jaar realiseerde u er 256. Met een hometrainer op de Ventoux. En dan zwijgen we nog over het feit dat u – om het tekort kunstmatig weg te werken - per verzorger 8 tot 14 kindjes toelaat. Geen enkel buurland laat dit toe en verzorgers zien hun taak zo tot bandwerk evolueren. Minder tijd voor liefde en aandacht. Net wat de kinderen nodig hebben om te  groeien.

Ook jongeren met kleinere of grotere problemen botsen overal op drempels en enorme wachttijden. Er wachten bijna 7.500 jongeren op zorg van de jeugdhulp. Dat gaat onder meer over jongeren met een beperking, kinderen met autisme, jongens en meisjes die in een precaire thuissituatie zitten en  jongeren met gedragsproblemen. Voor veel jongeren komt hulp dus hopeloos te laat. Problemen escaleren en zelfs dan blijven we voor veel jongeren het antwoord schuldig: in 2014 was er voor 800 jongeren in nood- en crisissituaties géén plaats in de crisishulp. Binnen de jeugdhulp zijn fantastische hulpverleners actief. Maar zij worden beknot door een bureaucratisch systeem dat formulieren belangrijker acht dan warmte en menselijkheid. Jongeren verzeilen daardoor vaak in een carrousel van instelling naar instelling. Ook de jeugdhulp fietst met een hometrainer de Ventoux op. 

Onze geestelijke gezondheid wordt enorm verwaarloosd. Eén op vier van de Belgen kampt minstens éénmaal in zijn leven met psychische problemen, maar slechts één derde van hen zoekt ook effectief hulp. De taboes, u kent ze wel. Maar zelfs voor de groep mensen die hulp zoekt, is het aanbod te klein:  slechts een vijfde krijgt de juiste hulp. Anders gezegd, slechts 6% van de mensen met geestelijke gezondheidsproblemen, krijgt hulp. De centra voor geestelijke gezondheidszorg kampen met enorme wachttijden. Voor volwassenen tikt dat aan tot gemiddeld 84 dagen. En voor jongeren is de situatie erger, zij blijven gemiddeld 107 dagen in de wachtkamer. 107 dagen zonder het luisterend oor en de hulp die je zoekt. 107 dagen waarin een kind alleen is met angst, verdriet of ongeluk. Het is cynisch, maar er komt meer steun voor deze jongeren door de Rode Neuzendag, die 4 miljoen verzamelde, dan van U als minister. Tuurlijk, als jongeren of volwassenen niet zo lang kunnen wachten, zijn er een zelfstandig therapeuten, maar zo’n bezoekje kost al gauw €60 per uur. Heel wat kwetsbare mensen kunnen dit niet neertellen. Daarom trouwens dat Groen al jaren aan de kar trekt van de terugbetaling van psychologen. We vinden het absurd dat medicatie zoals antidepressiva massief wordt voorgeschreven en terugbetaald, maar therapie niet. Deze regering heeft weer eens beloofd die terugbetaling te regelen, maar tot vandaag wachten we op de daden bij het woord. Met de hometrainer de Ventoux op.

Op 1 januari gaat de transitie voor mensen met een handicap in voege. Voortaan zouden niet de voorzieningen subsidies krijgen, maar de mensen. In functie van hun zorgnood, krijgen ze een budget en daarmee kunnen ze zelf bepalen welke zorg ze waar “inkopen”. Tot zover de theorie. Een theorie die breed gedragen wordt: geef mensen met een handicap zelf de regie in handen.  De hele sector zette zich in gang. Maar, tot op de dag van vandaag heerst vooral onduidelijkheid en chaos. Het draagvlak waar u zo trots op was, smelt als sneeuw voor de zon. En intussen wachten meer dan 14.000 volwassen personen met een beperking op aangepaste ondersteuning. Dit zijn mensen met een zware ondersteuningsnood, die vaak al jaren op een wachtlijst staan, deze personen hebben intensieve zorgen nodig. Met de hometrainer de Ventoux op.

Ouderen dan? Als je aan mensen vraagt hoe ze hun oude dag willen doorbrengen, antwoorden ze meestal: zo lang als mogelijk thuis blijven. Maakt u dat mogelijk? De thuiszorg, nog zo’n sector die een hervorming kan gebruiken, moest inleveren van de regering-Bourgeois. Begrijpe wie begrijpen kan. Ook dagopvang, kortverblijf of lokale dienstencentra, allemaal alternatieven voor het rusthuis, krijgen niet de uitbouw waar er nood aan is. De verhuis naar een rusthuis is dan ook vaak de enige, laatste optie, als de zorgnood te zwaar wordt en de kinderen, kleinkinderen of buren de zorg niet meer kunnen opnemen. Maar zelfs dan zijn er wachttijden van een half jaar tot een jaar.

Daarbovenop dreigen deze woonzorgcentra onbetaalbaar te worden. De gemiddelde rusthuisfactuur ligt nu al maandelijks €300 hoger dan een gemiddeld pensioen. Dat is de Ventoux op fietsen met een kapotte hometrainer. En, minister, dan moeten we er eerlijkheidshalve nog bij zeggen, dat we ons ernstige vragen moeten stellen bij de kwaliteit in de rusthuizen. Denk maar aan de schandalen in de rusthuizen van deze zomer. Ouderen die om 6 uur in bed worden gelegd omdat er te weinig personeel is voor de avondploeg. Pas op, geen enkel verwijt aan dat personeel. Ze werken zich vaak de ziel uit het lijf in moeilijke omstandigheden. Maar ze zijn met te weinig om de zorg te geven die ze willen geven. Besparen op zorg laat zich voelen.

Maar intussen zijn die rusthuizen wel een begeerlijke prooi voor winstbejag. Beursgenoteerde bedrijven die investeren in rusthuizen, niet omdat ze ouderen willen verzorgen, maar omdat ze een hoog dividend willen uitbetalen aan aandeelhouders.  Winstbejag in de zorg, daar moet u wakker van liggen. Of hoe in de stad Antwerpen de sociale sector wordt uitverkocht aan een groot concern. De Vlaamse regering staat er bij en kijkt er naar. Pas op, met Groen zeggen we niet dat alle private spelers slecht zijn. Integendeel. In kinderopvang zijn er bijvoorbeeld kleine zelfstandigen, die met een enorm enthousiasme en engagement een crèche uitbaten. En ook binnen de ouderenzorg zijn er private initiatieven die met het hart voorop werken. Maar, we missen een overheid die het kaf van het koren scheidt. We missen een overheid die zorgt dat de rotte appels eruit gehaald worden.

Krijgen mensen dan geen zorg? Staan we van wieg tot rusthuis in de kou? Nee. Dankzij de tomeloze inzet van honderdduizenden mensen, ons sterke Vlaamse middenveld, en mensen die voor elkaar zorgen. Mantelzorgers. De echte helden van deze samenleving. Maar, ook aan die mantelzorg zijn er grenzen. De afgelopen vijf jaar, waren er 12% minder mantelzorgers, iedereen moet “langer werken”, u kent het mantra. Ze zijn nochtans van onschatbare waarde, letterlijk en figuurlijk. Als je zou uitrekenen wat deze mensen “opbrengen”, dan is dat €22,27 miljard per jaar. Dat is 5% van het BNP. Dat is 7 keer zoveel als het budget dat de Vlaamse regering uitgeeft aan ouderenzorg. Ook voor hen geen koersfiets, maar een hometrainer. Want behalve een vaag mantelzorgplan, met veel wind en weinig daden, behalve een jaarlijks schouderklopje, moeten ze zelf de Ventoux op. Met die mantelzorgers kan u een fantastische peloton maken. Het zijn uw bondgenoten om van onze regio een zorgzame samenleving te maken. Schiet in uw wielertenue, kom in actie. We hebben u nodig.

Deze brief verscheen in Samenleving en politiek, Jaargang 24, 2017, nr.01 (januari), p. 93 - 95. 

Tags: